Op weg naar Santiago de CompostelaZoals zo vele andere Europese steden ontbreekt het Antwerpen niet aan een Sint-Jacobsheiligdom. Anno 1413 stond hier buiten de toenmalige stadswallen een gasthuis ten behoeve van pelgrims uit Noord-Europa op weg naar het graf van de apostel Jacobus in Santiago de Compostela. Op het einde van de 15de eeuw kwam de bescheiden kapel van de grond: eerst doordat ze tot parochiekerk verheven werd, 15 jaar later toen ze vervangen werd door de huidige kerk in Brabants-gotische stijl. Bouwmeesters waren vader en zonen de Waghemakere en Rombout Keldermans.

De universele geldingsdrang naar groter en hoger, stimuleerde de bouwers tot (slechts) één toren die (dan wel) de toren van de O.-L.-Vrouwekerk moest overschaduwen. Uiteindelijk wordt van die ongeveer 165 m-hoge droom amper een derde gerealiseerd; hetgeen de kleine huisjes rondom daarom nog niet minder ‘minuscuul' maakt.

In de tweede helft van de 16de eeuw loopt alles volgens het normale schema: beeldenstorm; een kortstondige ‘cohabitation' van katholieken en protestanten; calvinistische overheersing en vervolgens in 1585 de teruggave aan de katholieke eredienst. De eerste helft van de 17de eeuw (in volle barok !) ging men in gotische stijl verder met de uitbouw van het oostelijke gedeelte. Ook de grafkapel van Antwerpens barok-grootmeester P.P. Rubens (+ 1640) is gotisch. Er werd een kapittel gesticht, een (collegiale) groep van kanunniken; vandaar de bijnaam van collegiale kerk. Zij verbinden er zich toe om de getijdengebeden dagelijks gemeenschappelijk te zingen in het koor. Vele ambachten en welgestelde notabelen zorgden voor een bijzondere rijkdom aan meubilair: tal van altaren zoals dat van de juristen, aan sieraad (vooral epitafen), alsook aan materialen (een uitzonderlijke overvloed aan marmersoorten).

De roem van deze kerk die al gauw tot ver over de grenzen reikt, wordt bevestigd door paus Clemens XI die haar in 1705 bedacht met de eretitel ‘vermaarde kerk'. Een titel waar men hier - begrijpelijker wijze - nog steeds prat op gaat. Onder de indruk van al deze pracht en praal deed een Duits bezoeker einde 19de eeuw de uitspraak dat de Sint-Jacobskerk "als rijkste kerk van de Germaanse landen... het wel verdient om in Venetië te staan". Hoezeer de chauvinistische Antwerpenaren daar ook gevoelig voor zijn, zij houden hun ‘Sint-Jacob' toch liever bij zich.

Wanneer de Fransen de plak zwaaien, gaat het gebruikelijke scenario van sluiting en verkoop aan haar voorbij dankzij een beëdigd priester die aan de Republiek trouw gezworen had. In feite is het dus aan deze vorm van collaboratie dat de Sint-Jacob het behoud van haar ongelofelijk rijk patrimonium dankt...

De apostel Jacobus de Meerdere

H. Apostel Jacobus de Meerdere, patroon van onze parochieJacobus was - samen met zijn broer Johannes - bij de eerste apostelen die door Jezus geroepen werden, na Petrus en Andreas. Zebedeus en zijn twee zonen Jacobus en Johannes waren hun netten aan het herstellen aan het meer van Tiberias, toen Jezus daar voorbij kwam. Na eerst het broederpaar Petrus en Andreas geroepen te hebben, richtte Jezus zich vervolgens tot deze beide broers die prompt op de uitnodiging ingingen.

Samen met Petrus en zijn broer Johannes behoorde Jacobus de Meerdere tot de drie bevoorrechten onder de apostelen. Zo was enkel hij met de beide anderen aanwezig bij enkele hoogtepunten uit Jezus' leven, zowel in de verheerlijking op de berg Thabor , als bij Jezus' diepste smart in diens doodsstrijd in de Hof van Olijven.
Anderzijds werden beide broers op de vingers getikt omwille van hun agressieve reactie tegen de ongastvrije Samaritanen. En dat is niet de enige berisping. Al dan niet gestimuleerd door hun bevoorrechte positie, vroegen Jacobus en zijn broer onomwonden aan Jezus de beste plaatsen in de hemel, dit tot groot ongenoegen van de andere apostelen. Antwoord van Jezus: "wie onder u groot wil worden, moet dienaar van u zijn".

De toevoeging ‘de Meerdere' dient ter onderscheiding van zijn gelijknamige collega-apostel, de zoon van Alfeüs, die dan ‘de Mindere' genoemd wordt.

Na de hemelvaart van Christus verkondigde hij met de andere apostelen het evangelie in Palestina met name in Judea en Samaria. Sedert de 4de eeuw wordt aan hem ook het auteurschap toegeschreven van de zgn. Brief van Jacobus. Doch waarschijnlijk gaat het hier enkel om een pseudoniem uit de na-apostolische tijd. Omstreeks het paasfeest van het jaar 44 werd hij in Palestina op bevel van koning Herodes Agrippa I (37-44) met het zwaard onthoofd. Zo werd hij de eerste martelaar onder de apostelen en - na de diaken Stefanus - de tweede van het christendom. Volgens een aantal geschriften (6de - 9de eeuw) bevond Jacobus' graf zich op de Olijfberg.

Santiago de Compostela

Santiago de Compostela (E)Vanaf het einde van de 7de eeuw ontstaat het verhaal dat Jacobus de Meerdere het evangelie zou gepredikt hebben in Spanje. Nadien zou hij dan in het gezelschap van enkele bekeerlingen de andere apostelen terug vervoegd hebben voor hun concilie te Jeruzalem in het jaar 44. Het idee van een apostolische oorsprong geeft de jonge Kerk van Asturië ongetwijfeld moed in een tijd dat ze het fel te verduren krijgt van islamitische aanvallen. Een dergelijke afstamming wordt best kracht bijgezet met een historisch aanknopingspunt.

Vanaf de 9de-10de eeuw wil de overlevering dat Jacobus ook in Spanje zou begraven zijn. Maar hoe was Jacobus dan wel ‘terug' in Spanje geraakt? Het zou door zijn (Iberische) leerlingen Athanasius en Theodorus van Jeruzalem naar Spanje overgebracht zijn, nadat ze daar op wonderbare wijze het nodige bootje voor verkregen hadden. Ze gingen aan wal in El Padrón, Noordwest-Spanje, in de provincie Galicië, en begroeven de apostel 8 mijl landinwaarts.

Pas vanaf de 9de eeuw zijn er sporen terug te vinden van de verering van zijn relieken, op de plaats van dat graf te Compostela, dat - aldus archeologische bevindingen - zich wel degelijk bevindt op een oude Romeinse begraafplaats.

Het feit dat dit graf eeuwenlang niet bekend en vereerd was en nu plots wél, moest een verklaring krijgen. Het graf zou door verwaarlozing in de vergetelheid zijn geraakt, en tot nieuw leven gekomen zijn dankzij een herontdekking. En kijk, eensklaps en bij wonder werd zijn graf in het begin van de 9de eeuw ‘terug'-gevonden. De kluizenaar Pelagius, verblijvend te Amahia, kreeg van engelen een bericht omtrent de vindplaats van Jacobus' graf in de omgeving. Het graf werd aangeduid door bovennatuurlijke lichtschijnsels. Het komt de plaatselijke bisschop toe om het graf te vinden: een stenen mausoleum. Meteen volgde de bouw van een kerk, de eerste van een serie.

De plek wordt naar de apostel genoemd: ‘Sant-iago'. Gezien zijn reputatie werd zelfs vanaf de 11de eeuw heel de streek van Galicië door de Vikingen ‘Jakobsland' genoemd. De plaatsnaam ‘in Compostela' of ‘de Compostela' wordt etymologisch graag verklaard door de legendarische ontdekking van het graf dankzij de wonderlijke lichtschijnsels, nadien opgevat als sterren; vandaar ‘sterrenveld', in het Latijn: ‘campus stellarum'. In de middeleeuwse Latijnse teksten staat de nieuwe plaatsnaam steeds correct vermeld als ‘Compostela'. In de middeleeuwen werd het bedevaartsoord gesitueerd in ‘Finis terrae'. Vanuit een continentaal Europees standpunt werd inderdaad de landstreek van Noorwest-Spanje aanzien als ‘het einde der aarde'. Had ook Jezus zijn apostelen niet opgedragen het evangelie te verspreiden "tot het uiteinde der aarde" (Hand.1,8)?

In de middeleeuwen stond de echtheid van Jacobus' graf boven alle verdenking: velen stroomden er van heinde en verre naar toe, tal van wonderverhalen werden aan hem toebedacht en een indrukwekkende bedevaartskerk, later tot kathedraal verheven, zou zijn grafplaats tekenen. In de periode van het kritisch ingestelde humanisme begonnen de twijfels daaromtrent meer en meer op te komen. Toch aarzelde paus Leo XIII in zijn bul Deus omnipotens (1884) niet om de skeletten die in 1879 terug opgegraven waren, te bevestigen als het authentieke gebeente van de heilige apostel Jacobus en diens gezellen Athanasius en Theodorus. Daarmee werd het kritisch onderzoek hieromtrent niet stopgezet.

Sinds mensenheugenis zijn pelgrims via deze kerk op weg gegaan naar Santiago de Compostela in Spanje. Zij krijgen in Sint-Jacob Antwerpen de pelgrimszegen, na voorafgaande afspraak met de pastoor.

Daarvóór al zullen pelgrims het verkrijgen van hun geloofsbrieven regelen via het Vlaams Compostelagenootschap.

Zoeken

Google Translate

Dutch English French German Italian Portuguese Spanish

Contacteer ons

Heeft u een opmerking of een vraag? Neem gerust contact met ons op!

We beantwoorden uw bericht zo snel als mogelijk.

Contacteer ons

 

Plant u een bedevaarttocht, via of vanuit Sint-Jacob? Dan kan u bij ons de pelgrimszegen aanvragen.

U kan hier uw verzoek indienen, wel graag minstens één maand van tevoren.

Pelgrimszegen aanvragen

Ligging

kleineschelpSint-Jacob Antwerpen
Lange Nieuwstraat 73, 2000 Antwerpen

Routeplanner

Agenda

JUNI
28

28.06.2017 11:00 - 11:40

JUNI
29

29.06.2017 11:00 - 12:00

JUNI
30

30.06.2017 11:00 - 12:00

JULI
1

01.07.2017 11:00 - 11:40

JULI
1

01.07.2017 15:00 - 17:00